Naar de inhoud

eendraads.be Symbolenlegende

8 symbolen

Symbolen voor de aarding

Het aardingsteken is een van de bekendste symbolen: een korte lijn op drie strepen die naar onder korter worden. Elk aardingssymbool bouwt erop voort. Met een punt eronder is het een aardpen, met een strook erboven een hoofdaardingsklem, met een klem rond twee lijnen een equipotentiale verbinding op een buis.

De aarding hangt niet aan een automaat. Alles komt samen op de hoofdaardingsklem of de aardingsrail: de aardgeleider naar de aardelektrode, de beschermingsgeleiders van de kringen en de equipotentiale verbindingen met de metalen leidingen in de woning.

Symbool aarding (aardelektrode)

Aarding (aardelektrode)

Het algemene aardingsteken: een korte verticale lijn op drie strepen die naar onder korter worden.

Symbool aardstaaf of aardpen

Aardstaaf of aardpen

Een aardelektrode die in de grond gedreven wordt: het aardingsteken met een punt eronder.

Symbool aardingsonderbreker (meetklem)

Aardingsonderbreker (meetklem)

Het punt waar je de aardgeleider kan openen om de aardingsweerstand te meten.

Symbool aarding op het eendraadschema

Aarding op het eendraadschema

Enkel op het eendraadschema

Onder de teller staan de aardingsonderbreker en de aardelektrode samen als één blok: twee korte strepen boven elkaar, dan het aardingsteken.

Symbool aardingsklem

Aardingsklem

De verbinding met de aardingslus of de aardpen, getekend met het aardingsteken.

Symbool hoofdaardingsklem

Hoofdaardingsklem

Het punt waar de aardgeleider, de beschermingsgeleiders en de equipotentiale verbindingen samenkomen: een strook met vakjes op het aardingsteken.

Symbool aardingsrail

Aardingsrail

Een verzamelrail met aansluitpunten voor de aardgeleider, de hoofdbeschermingsgeleider en de equipotentiale verbindingen. Ze kan de hoofdaardingsklem zijn.

Symbool equipotentiaalklem

Equipotentiaalklem

Een klem of band rond een metalen buis, zoals water, gas of verwarming, voor de equipotentiale verbinding. De buis is getekend als twee evenwijdige lijnen.

Op het eendraadschema

Op het eendraadschema staat de aarding onder de teller, als één blok: de aardingsonderbreker en de aardelektrode samen. Ernaast staat de doorsnede van de aardingslus en van de equipotentiale verbindingen.

Op het situatieschema

Op het situatieschema zie je waar de aardpen of de aardingslus ligt, waar de hoofdaardingsklem zit en welke leidingen een equipotentiale verbinding hebben. Zo vindt wie later aan de installatie werkt ze ter plaatse terug.

Waar je op let

  • De aardingsonderbreker is het meetpunt: daar wordt de verbinding geopend om de aardingsweerstand te meten.
  • Een aardingsrail kan tegelijk de hoofdaardingsklem zijn. Teken dan één symbool, niet twee.
  • Of de aarding volstaat, blijkt uit de meting. De keurder beslist.