Naar de inhoud

eendraads.be Symbolenlegende

Eén symbool, twee schema's

Een schakelaar in de inkomhal staat twee keer in het dossier: op het situatieschema op de plaats waar hij in de muur zit, en op het eendraadschema op de kring waaraan hij hangt. Het is hetzelfde symbool, maar het vertelt telkens iets anders. Op het situatieschema lees je waar iets is. Op het eendraadschema lees je hoe het aangesloten is.

Dezelfde kring, naast elkaar

Uitsnede van een situatieschema van een gelijkvloers: in de garage twee lineaire armaturen A.1 en A.2 en de schakelaar A.1 bij de deur, in de berging het lichtpunt A.3 en de schakelaars A.3 en A.4 tegen de muur van de inkomhal
Situatieschema, gelijkvloers: het deel van kring A in de garage en de berging.
Uitsnede van een eendraadschema: kring A als verticale lijn met zes aftakkingen boven automaat A C16A; onderaan A.1 met de schakelaar en de twee lineaire armaturen A.1 en A.2, daarboven A.3 tot A.7 met hun schakelaars, drie ervan met een lichtpunt
Eendraadschema: de hele kring A, zes aftakkingen boven automaat A.

Hierboven staat kring A uit het voorbeelddossier in SUPLAN, een villa met vier bouwlagen. Links een stuk van het gelijkvloers: in de garage twee lineaire armaturen met de codes A.1 en A.2 en de schakelaar A.1 bij de deur, in de berging het lichtpunt A.3 met de schakelaars A.3 en A.4. Rechts de hele kring op het eendraadschema, met dezelfde codes op de aftakkingen. Het zijn er zes. Op de onderste staat schakelaar A.1 vooraan, met de twee armaturen A.1 en A.2 erachter: A.2 is dus geen eigen aftakking. De punten A.5 tot A.7 liggen op het plan lager, buiten de uitsnede.

Wat hetzelfde blijft

De vorm. Een wisselschakelaar is op beide schema's een wisselschakelaar, een dubbel stopcontact heeft op beide twee koepels, een stopcontact zonder aarding mist op beide de streep bovenaan. Ook de code ernaast is dezelfde: daarmee vind je een punt op het ene schema terug op het andere.

Wat verandert

De plaats

Op het situatieschema staat een symbool in de ruimte, tegen de muur of midden in een kamer, zoals het in het huis zit. Op het eendraadschema staat het op een aftakking van zijn kring. Die aftakking begint bij de schakelaar en volgt van daaruit de kabel, dus de volgorde zegt iets over de bekabeling, niet over de kamer.

De richting

Een stopcontact staat op het situatieschema met zijn aansluiting naar de muur. Op het eendraadschema draait het een kwartslag, zodat de aansluiting op de lijn van de kring valt. Een schakelaar legt zijn bolletje op die lijn. De vorm blijft dezelfde; enkel de stand past zich aan de lijn aan.

De tekst erbij

Op het eendraadschema komt er informatie bij die op het plan niet past: het kabeltype en de doorsnede langs de vertreklijn, het kaliber van de automaat, de gevoeligheid van de differentieel. Een vast toestel krijgt in SUPLAN zijn naam onder het symbool, zodat je ziet welke boiler of welk kookfornuis aan die aftakking hangt.

Symbolen die maar op één schema staan

Een aantal symbolen kom je enkel op het eendraadschema tegen. Ze stellen de opbouw van het verdeelbord voor, en die staat niet op het grondplan:

Omgekeerd zijn er plansymbolen die op het eendraadschema niet als symbool terugkomen. De kWh-teller en het verdeelbord tonen op het situatieschema waar de meter en het bord hangen. Op het eendraadschema zijn ze het begin en de ruggengraat van het schema zelf: de teller als groter kader, het bord als rail met zijn beveiligingen.

Wat je daaruit meeneemt

  • Lees nooit een symbool zonder de code die ernaast staat. Zonder code weet je op het eendraadschema niet welk punt in welke kamer bedoeld is.
  • Zoek je waar iets zit, kijk dan op het situatieschema. Zoek je hoe het beveiligd is, kijk op het eendraadschema.
  • Een beveiligingssymbool hoort op het eendraadschema. Op het situatieschema is het een uitzondering.

Hoe je het situatieschema zelf opbouwt, ruimte per ruimte, lees je in de stappengids op situatieschema-tekenen.be.